Gezamenlijke hobby

Toen ik wakker werd, was Frans er al. Karen had hem voor de ingreep gebeld. Ik zei eerst nog, dat dat niet nodig was, hij zou alleen maar ongerust zijn. Maar uit ervaring wist ze, dat mensen liever op de hoogte worden gebracht, ook al is het even schrikken, dan achteraf te horen, dat er een tweede ingreep plaats heeft gevonden. ’Hé Frans, niet schrikken, maar er is een kleine complicatie. De chirurg is al onderweg. Omdat hij de operatie heeft uitgevoerd, kan hij het beste beoordelen wat te doen. Ik ben bij haar, dus maak je maar niet ongerust.’  Nou.. Frans was in ieder geval klaarwakker.

bladmuziek2_0

Na de tweede narcose was ik behoorlijk misselijk. Niet gek natuurlijk. Ik had sinds zondagavond niets meer gegeten. Daags ervoor wel gedronken. Door de onvoorziene ingreep was ik dus niet nuchter. Twee vriendinnen, Hella en Chantelle, kwamen ook nog even langs. Ze waren allemaal geschrokken, maar zagen dat het weer goed met me ging. Hopelijk blijft het hierbij, zeiden ze.

De bezoekjes waren kort, omdat ik erg suf en slaperig was, maar ik was blij met iedereen die langs kwam en dat was op de IC allemaal goed geregeld. Later op de verpleegafdeling trouwens ook.  Omdat de verpleegkundigen regelmatig langs kwamen om alles te controleren, leerde ik ze snel kennen. Nicole en stagiair Mike. Mensen met hart voor hun werk. Kundig en kordaat. Tijd voor een praatje en gevoel voor humor. Op de IC hadden de verpleegkundigen duidelijk meer tijd voor de patiënt, dan op de verpleegafdeling. Begrijpelijk, maar ik vond het verschil wel groot.

Daags erna had Yvonne, ook een koorgenootje, vroege dienst. Ik vond het bijzonder door haar verzorgd te worden. Tijdens een repetitie zijn we bezig met het instuderen van meerstemmige muziekstukken. Karen zit bij de eerste sopranen, Yvonne bij de tweede sopranen en ik bij de alten. Tijdens de pauze gaat het vaak over het koor of over onze kinderen, maar wat iedereen precies voor werk doet, laat staan dat je dit van dichtbij meemaakt, zó dichtbij, dat is heel bijzonder.

Ik heb altijd al een enorme bewondering gehad voor mensen die werken in de zorg en sinds die week in het ziekenhuis nog meer. En sindsdien kijk ik tijdens een repetitie toch met andere ogen naar deze twee vrouwen. Ik besef, dat dat omgekeerd ook het geval zal zijn. Dinsdagmiddag ben ik weer wat gaan eten. Woensdagochtend mocht ik voorzichtig uit bed. Dat was even wennen. Even op een stoel zitten was al een enorme inspanning, maar een stapje. Letterlijk en figuurlijk.

Om half twee brachten Yvonne en Mike me naar de verpleegafdeling Chirurgie. De tweepersoonskamer waar ik naar binnen werd gereden, was niet dezelfde als die van maandagmorgen. Mijn spullen lagen niet in een van de kasten. Een verpleegkundige van de afdeling kwam al snel vertellen, dat ik op een andere kamer kwam te liggen. Toen ik daar aankwam zag ik tot mijn verbazing, dat dit een eenpersoonskamer was. Over een VIP behandeling gesproken, wat een luxe! Dit had ik niet verwacht, maar ik vond het heerlijk.

De verpleegkundige zei dat vrouwen die een DIEP hebben gehad, standaard een eenpersoonskamer krijgen, maar het blijft altijd onder voorbehoud. Als er in de komende dagen iemand komt die hogere prioriteit heeft, dan moest ik verhuizen naar een tweepersoonskamer, maar dit is niet gebeurd. K 5.15 is nog vijf dagen mijn kamertje geweest.

VIP behandeling

Ik werd wakker op de Intensive Care en keek wat om me heen. Van de eerste uren kan ik me nog weinig herinneren. Frans heeft me sowieso later verteld dat ik nog erg suf en slaperig was. Hij is er een half uurtje geweest met de kinderen. Voorlopig kon ik geen kant op. Om mijn benen zaten een soort luchtzakken die beurtelings volgezogen werden. Zo bleven ze constant in beweging, zonder dat ik er iets voor hoefde te doen.

Strand-stoel-Koh-Kradan

Twee drains in mijn buik waarvan de flessen rechts hingen, twee drains in mijn nieuwe borst waarvan de flessen links hingen. Een katheter was tijdens de operatie ingebracht en voorlopig hoefde ik dus niet zelf naar de wc. Een infuus met vloeistof, een bloeddrukmeter om mijn rechterarm en een zuurstofslangetje in mijn neus. De misselijkheid viel mee, gelukkig.

Een van de eerste dingen die ik me herinner is, dat er te veel dekens op me lagen. Althans dat dacht ik, maar ik kwam er vrij snel achter dat het geen dekens waren waar ik last van had, maar dat het de buikwond was die ik voelde. Voorlopig moest ik in een standstoel-houding liggen, zodat er geen spanning op mijn buik kwam. De matras van het hightech IC-bed vulde zich volautomatisch met lucht om doorliggen te voorkomen.

Ik kreeg trombose en morfinespuitjes. Later kreeg ik een morfinepomp, die ik zelf kon bedienen. Regelmatig kwam een IC- verpleegkundige langs en luisterde met een doppler op een gemarkeerd punt, een nietje, op mijn nieuwe borst of de doorbloeding goed was. Dan hoorden we het bloed stromen op de maat van mijn hartslag. Net zo bijzonder als het luisteren van het hartje van je ongeboren kind. En elke keer, in het begin om het half uur, daarna een uur, was het weer even een spannend moment.

Zo was mijn eerste blik op mijn nieuwe borst ook bijzonder. Ondanks dat hij nog wat blauw en opgezwollen was en ondanks dat er geen tepel meer was, zag hij er toch echt uit als een borst. De temperatuur van de huid werd regelmatig gecontroleerd. Wat ik fijn vond is dat er nergens gazen vastgeplakt zaten, maar los op de wonden lagen. Ik kon toch niet veel bewegen. De wond op mijn ‘platte’ buik was groot, maar daar was ik op voorbereid. Hij was onderhuids gehecht en aan de buitenkant waren hechtstrips aangebracht. Later zou dit litteken toch wel onder de bikinilijn verdwijnen.

Mijn navel, die met een klein strengetje aan de binnenkant vastzit, hebben ze aan de buitenkant eerst voorzichtig losgemaakt en later op de normale hoogte weer vastgezet. Deze was wel gehecht, maar dat kon ook niet anders. Om de spanning eraf te halen had ik een elastische buikband om. Deze moest ik zes weken omhouden. Dag en nacht.

De avond trad in. Zo af en toe sliep ik even. Karen, mijn koorgenootje, wipte aan het begin van haar nachtdienst even binnen. ‘Het is hartstikke druk, zei ze, maar als ik even tijd heb, kom ik bij je zitten.’ Het voelde fijn daar te liggen, wetende dat er iemand in de buurt is die je kent, bij wie je vertrouwd bent en die verstand van zaken heeft.  ‘Als je bij ons komt te liggen, krijg je natuurlijk een VIP-behandeling’, had ze me een paar weken voor de opname toegezegd. Dat zag ik wel zitten, een VIP-behandeling en al helemaal op de Intensive Care, alhoewel ik me geen voorstelling kon maken wat dat in zou kunnen houden. Extra zuurstof of extra morfine misschien.                                                                  

Ergens midden in de nacht, ik weet niet hoe laat, kreeg ik last van mijn borst en ik dacht, niet te snel bellen. Het zal er wel bij horen. Maar de pijn werd ondanks de morfine, waarvan ik me nooit teveel toe kon dienen, heviger. Uiteindelijk toch maar op de bel geduwd en Karen kwam snel kijken. De borst was dikker en voelde gespannen aan. Ook zaten er vlekken op. Omdat ze het niet vertrouwde, belde ze de chirurg die voorstelde om een paar foto’s te maken en op te sturen. Al snel liet hij weten in de auto te stappen en eraan te komen. Het was tegen vijf uur en hij zou tegen zes uur aankomen.

En terwijl de operatiekamer weer klaar werd gemaakt voor deze onverwachte ingreep, kwam Karen bij me zitten en praatten we het uur vol. Over haar zwangerschap, over ons koor Quint en dat ik in goede handen was, maar daar twijfelde ik geen moment aan. Ik kreeg weer een narcose en probeerde net als de eerste keer mijn ogen zo lang mogelijk open te houden. Er bleek een adertje te lekken met tot gevolg, dat er bloed in de borst liep. Dit is weer hersteld en daarna kon ik weer terug naar de IC en de plastisch chirurg terug naar bed, nog even een schoonheidsslaapje doen.